Let op: Dit artikel is onderdeel van een groter geheel over beoordelen. Klik hier om naar de eerste algemene pagina te gaan.

Wanneer je in de Werelden werkt, kun je zowel leerresultaten op Eilandniveau als leerresultaten op leerdoelniveau meenemen voor een beoordeling. Het meenemen van leerresultaten op Eilandniveau sluit goed aan wanneer je in jouw klas leerlingen afhankelijk van hun niveau vaak aan verschillende leerdoelen laat werken. Deze manier van beoordelen biedt jou bovendien eenvoudig de mogelijkheid om bij een beoordeling rekening te houden met verschillen tussen leerlingen. Het meenemen van leerresultaten op leerdoelniveau sluit goed aan wanneer je jouw leerlingen met name aan dezelfde (hoofd)leerdoelen laat werken.

Maak jij gebruik van doelenboekjes of doelenbladen? Klik dan hier om meer te lezen over het inzetten van doelenboekjes of doelenbladen bij een beoordeling.

Eilandniveau

Beoordelen of leerlingen Eilanden wel of niet beheersen.

Stap 1 - Bepalen welke Eilanden je meeneemt in een beoordeling

Dit doe je door na te gaan welke leerstof je de afgelopen tijd hebt behandeld. Welke Eilanden heb je vaak instructie bij gegeven? Aan welke Eilanden hebben de leerlingen veel gewerkt? Welke vind je daarvan het belangrijkst? Bij welke Eilanden zouden de leerlingen nu al bepaalde leerdoelen beheerst moeten hebben?

Tip: Kies niet te veel Eilanden. Probeer te focussen op ongeveer 5 Eilanden. Het kan dan helpen om te kijken naar het Eiland met het hoogste niveau.

Bijvoorbeeld: Jouw leerlingen hebben gewerkt aan de Eilanden Plussommen t/m 20 en Plussommen t/m 100 en beide vind je belangrijk. Dan neem je alleen het Eiland van het hoogste niveau, Plussommen t/m 100 mee. Plussommen t/m 20 valt namelijk onder Plussommen t/m 100.

Meer tips voor het bepalen van belangrijke leerdoelen vind je hier.

Stap 2 - Bepalen per Eiland of de leerlingen dit hebben behaald

Bekijk in Gynzy de vaardigheidsscores van leerlingen op de leerdoelen van de geselecteerde Eilanden. Dit kun je bijvoorbeeld onder Inzicht vinden. Eerst bepaal je op welk leerdoel of welke leerdoelen je de focus legt. Deze leerdoelen laten jou zien of de leerlingen het Eiland op het verwachte niveau beheersen voor dit moment. Voor het bepalen van de focus per Eiland kun je gebruikmaken van het referentieniveau, de leerjaarindicatie en natuurlijk of leerlingen wel aan het leerdoel hebben gewerkt.

Per leerling bepaal je vervolgens of deze het Eiland op het verwachte niveau beheerst en daarmee het Eiland behaald heeft. Hiervoor kijk je naar de vaardigheidsscores op de doelen. Daarbij kun je ook dieper ingaan op een doel door te kijken hoeveel opgaven de leerling heeft gemaakt en of de leerling hier veel fouten in heeft gemaakt.

Case - Eiland Geld teruggeven

In deze groep 4 zitten 7 leerlingen die de afgelopen periode veel aan het Eiland Geld teruggeven hebben gewerkt. De 6 leerdoelen in dit Eiland zijn allemaal sleuteldoelen. De leerdoelen met leerjaarindicatie 5 en 6 zijn nog niet aan bod gekomen.

Van deze leerlingen verwacht ik dat zij geld terug kunnen geven t/m €2 en met hele bedragen t/m €100. Dit zijn de twee leerdoelen waar ik mij op focus.

Waarom deze focus?

Het leerdoel hele bedragen t/m €100 kies ik omdat dit qua niveau hoger is dan hele bedragen t/m €10 en t/m €20. Alle drie deze leerdoelen zijn aan bod gekomen en ik verwacht dat leerlingen hele bedragen t/m €100 beheersen. Daarom focus ik me op dit ‘hoogste’ doel.

De leerdoelen met kommabedragen vallen buiten de focus omdat deze nog niet of te weinig aan bod zijn geweest afgelopen periode (hogere leerjaren).

Mijn verwachting is dat de leerlingen de twee leerdoelen waar ik de focus op heb gelegd beheersen. Dit controleer ik door naar de vaardigheidsscores te kijken. Hierin zie ik dat vier leerlingen een vaardigheidsscore boven de 75% hebben op beide leerdoelen, in dit geval zelfs alle vier boven de 80%. Zij hebben het Eiland behaald.

Drie leerlingen (AA, BB en CC) hebben op beide leerdoelen of op één van de twee leerdoelen een score lager dan 75% en hebben het Eiland daarmee niet behaald.

In jouw groep zitten wellicht ook leerlingen waarvan je wat anders verwacht dan van de hele groep. Hiervoor kun je de verwachting aanpassen. Dit kan zowel naar beneden als naar boven.

Verwachting naar beneden aanpassen kun je doen voor leerlingen die moeite hebben met het vak of het onderwerp of misschien minder opgaven hebben gemaakt door ziekte.

Verwachting naar boven aanpassen kun je doen voor leerlingen waarvan je vindt dat zij wel wat meer mogen laten zien.

Voorbeelden: In het geval van deze case zou het zo kunnen zijn dat leerling AA normaal erg veel moeite heeft met het rekenen met Geld en afgelopen periode heel hard heeft gewerkt. De leerling heeft voor het leerdoel hele bedragen t/m €100 75% en voor het leerdoel t/m €2 72%. Dit vind ik voor deze leerling voldoende en daarom vind ik toch dat de leerling het Eiland heeft behaald.

Leerling BB heeft bij het leerdoel hele bedragen t/m €100 een vaardigheidsscore van 23%. Als ik dan doorklik naar de opgaven zie ik dat de leerling heel weinig opgaven heeft gemaakt in tegenstelling tot de rest van de groep. Deze zijn wel bijna allemaal goed. BB heeft afgelopen periode wat minder tijd gehad voor zijn werk en daarom vind ik dat de leerling het Eiland wel heeft behaald.

Stap 3 - Scores en/of gemiddelden omzetten in beoordeling

Als je hebt bepaald of leerlingen wel of niet het Eiland hebben behaald kun je dit omzetten in een beoordeling. Hiervoor kun je Eilanden van dezelfde Wereld samenvoegen, of dit per Eiland weergeven.

Losse_tekst_4x.png
Werelden___verwachting_4x.png

Leerdoelniveau

Vaardigheidsscores op de meest relevante leerdoelen gebruiken voor een beoordeling.

Stap 1 - Bepalen welke leerdoelen je meeneemt in een beoordeling

Dit doe je door na te gaan welke leerstof belangrijk was in jouw aanbod van de afgelopen tijd. Welke leerdoelen heb je vaak instructie bij gegeven? Welke werden veel geoefend en welke vind jij belangrijk? Kijk hier hoe je dit kunt bepalen.

Tip 1: Bij leerdoelen die een leerjaarindicatie van twee jaren hebben, kun je ervoor kiezen om voor het vormen van een summatief oordeel enkel de leerdoelen mee te nemen waarvan je denkt dat ze die op het moment van beoordelen volledig beheerst zouden moeten hebben. Bijvoorbeeld: de leerling zit in groep 4 en het leerdoel ‘Tijdsverschil bepalen tussen analoge klokken met kwartieren’, leerjaarindicatie 4, 5, neem je niet mee in een beoordeling, want je verwacht niet dat de leerling deze nu al volledig zou moeten beheersen.
Tip 2: Kies niet teveel leerdoelen. Probeer je te focussen op ongeveer 10 leerdoelen.

Waardevol bij het selecteren van de relevantste leerdoelen is het kijken naar het aantal opgaven dat leerlingen hebben gemaakt bij een leerdoel. Dit kun je doen via de doelkaart.

Stap 2 - Vaardigheidsscores verzamelen

Bij elk leerdoel dat je in stap 1 geselecteerd hebt, zoek je de vaardigheidsscores van de leerlingen op. Deze verzamel je in een tabel. Het is handig om ze per Wereld te sorteren, zodat je eventueel ook per Wereld gemiddelden kunt berekenen.

Stap 3 - Berekenen van het gemiddelde

Van deze vaardigheidsscores kun je op verschillende niveaus gemiddelden berekenen. Je kunt per leerling een gemiddelde berekenen voor het gehele vak. Ook kun je per Wereld het gemiddelde berekenen, waardoor je onderscheid kunt maken tussen de verschillende domeinen. Door alleen de belangrijke leerdoelen mee te nemen kan het zo zijn dat je niet alle Werelden van een vak meeneemt. Een leerling van groep 4 zal bijvoorbeeld slechts beperkt werken aan leerdoelen uit de Wereld Procenten, Breuken & Verhoudingen.

Stap 4 - Gemiddelde omzetten in beoordeling

De gemiddelde vaardigheidsscores kun je letterlijk zo opnemen in een beoordeling voor de leerling. Daarnaast zijn er ook andere manieren om deze leerresultaten te tonen aan de leerling en ouders. Bespreek met collega’s welke vorm er bij jullie school past. Spreek daarnaast af welk percentage beheersing jullie verwachten van de leerlingen.

Wereld_-_Vaardigheidsscores_copy_4x.png
Wereld_-_beheerst_en_niet_beheerst_copy_4x.png

Heeft u het antwoord gevonden?