In de 5 scenario’s voor het werken de digitale verwerking van Gynzy met spelling en rekenen, komen de Werelden voor in scenario’s 3, 4 en 5. De vrijheid die het leren in de Werelden van Gynzy biedt, betekent dat er veel keuzes gemaakt kunnen worden. Afhankelijk van je gekozen scenario ligt de inhoud van de planning bij de gekozen methode (3), bij jou als leerkracht (4) of bij de leerling (5). In dit artikel gaan we in op scenario 3.

Wanneer je een reken- of spelling hebt gekoppeld, maak je gebruik van de volgorde van de doelen die zijn aangereikt door de methode. In scenario 3 werk je naast je methode ook aan doelen in de Werelden. Hierin vind je onze leerlijnen die zijn onderverdeeld in domeinen (Werelden), subdomeinen (Eilanden) en leerdoelen (Dorpen).

Meer oefenen na de methodeles

We hebben per methodeles gekeken welke Dorpen uit onze leerlijn het best aansluiten bij iedere methodeles. Na een methodeles krijgen leerlingen standaard een suggestie om verder te oefenen aan Dorpen en Eilanden uit de Werelden die aansluiten bij de leerdoelen van de les. Wil je de leerlingen juist aan andere Dorpen of Eilanden laten werken, kunnen ze zelf (mits de Werelden gekoppeld zijn) naar de Werelden navigeren. In dit geval zet je de de Werelden in om het aanbod van de leerstof uit de methode nauwkeuriger af te stemmen op de behoeften van je leerlingen. Zo kun je als remediëring eenvoudig extra oefening uit de Werelden halen of teruggrijpen op een eerder (voorwaardelijk) leerdoel. Ook kun je verrijking, herhaling en verdieping middels de Werelden bewerkstelligen. Door de uitgebreide leerlijnen in de Werelden zijn er bovendien ook veel leerdoelen beschikbaar die in jouw lesmethode mogelijk niet (standaard) worden aangeboden. Denk hierbij aan:

Wie maakt de keuzes?

Je kunt de leerlingen op verschillende manieren laten werken in de Werelden. Zo kun je als leerkracht zelf bepalen aan welke Werelden, Eilanden en Dorpen ze mogen werken (eventueel de rest dichtzetten). Keuzes kun je dan baseren op lesstof uit de methode, toetsdoelen van de methode, vaardigheidsscores van leerlingen, lesstof om te herhalen of lesstof om te verrijken of te verdiepen. Hierbij kun je een doelblad of weektaak maken of bundels samenstellen om setjes leerdoelen klaar te zetten voor de leerlingen.

Je kunt de leerlingen ook zelf laten kiezen op basis van hun eigen vaardigheidsscore of op basis van hun voorkeur op dat moment. Om leerlingen hierbij te helpen, kun je een filter toepassen, waardoor alleen relevante leerdoelen zichtbaar zijn.

Voorbeeld voor of na een les

Omdat een methodeles vaak veel verschillende leerdoelen behandelt en er daardoor per leerdoel een beperkt aantal opgaven aan bod komen, zullen leerlingen niet direct na één les al hoge vaardigheidsscores behaald hebben. Wanneer de vaardigheidsscores van jouw leerlingen op een bepaald leerdoel na afloop van de les nog laag zijn, kun je jouw leerlingen dit leerdoel laten herhalen of remediëren. In de leskaart is te vinden waar in de Werelden het Dorp terug te vinden is.

Voorbeeld van een leskaart waarin de Wereld en het Eiland per Dorp aangegeven zijn

Zijn de scores laag doordat leerlingen nog maar weinig opgaven gemaakt hebben? Dan kan herhaling van het leerdoel wenselijk zijn. Zijn slechts van één of enkele leerlingen de scores lager dan verwacht (bijvoorbeeld in vergelijking met andere leerlingen of eerdere leerdoelen), dan kan remediëren wenselijk zijn. Ook pre-teaching kan in zo’n geval waardevol zijn; voordat dit leerdoel nog eens aan bod komt in de methode, bereid je deze leerlingen hier extra op voor.

Wanneer een leerling na afloop van de les een hoge vaardigheidsscore behaald heeft, heeft de leerling een grote mate van beheersing van het leerdoel laten zien. De leerling kan zijn beheersing verdiepen door (een volgende keer) verder te werken aan hetzelfde leerdoel. Hoe hoger de vaardigheidsscore des te uitdagender de opgaven. Daarnaast kun je ook verrijking bieden aan de leerling door hem verder te laten werken aan een opvolgend leerdoel. Bijvoorbeeld een leerdoel uit een volgend leerjaar of een leerdoel van een hoger referentieniveau. De opvolgende leerdoelen vind je rechtsonder op de doelkaart (wanneer je op het leerdoel drukt vanuit de leskaart).

Voorbeeld van een doelkaart met voorwaardelijke en opvolgende leerdoelen

Voorbeeld voor of na een toets

Je kunt ook keuzes maken voor het werken in de Werelden aan de hand van toetsdoelen. Je kunt de toetskaart openen om te zien welke doelen aan het eind van het blok getoetst worden. Hieronder zie je een voorbeeld. Door alvast de beheersing (1) te bekijken van de toetsdoelen, zie je dat het eerste doel – aflezen van een maandkalender, een 1F-doel dat meestal al in groep 3 behandeld wordt (2) – nog niet heel goed wordt beheerst. Elke leerling heeft een vaardigheidsscore van 45% of lager en een groot deel zelfs minder dan 25% (3). Ook zie je dat dit doel alleen aangeboden werd in de afgelopen week (4). Dit doel kun je in de Werelden terugvinden (5) en zo op je planning zetten, bijvoorbeeld in de weektaak deze laatste week voor de toets.

Toetskaart met blokdoelen

Voorbeeld van een toetskaart met informatie over blokdoelen.

Wil je meer weten over de Werelden? Lees de serie: Leren in de Werelden of meld je aan voor onze webinar: Doelgericht werken in de Werelden.

Heb je het antwoord gevonden?